WATERGEEST

dagboek van een early vutter


Een reactie plaatsen

Een nevelige najaarswandeling in het Wendelbos.

Op 26 november deden we een ons nog niet bekende wandeling in een bekend gebied, het Waterloopbos. Daar hadden we al vaker gewandeld, maar voor Rita is het nadeel dat er altijd veel te fotograferen valt. Vandaar dat we deze keer voor het aanpalende Wendelbos hadden gekozen, mede om Rita’s nieuwe wandelschoenen in te lopen. De wandeling begint gewoon in het Waterloopbos, waar Natuurmonumenten nu zichtbaar bezig is om de oude waterloopkundige modellen schoon te maken. Tot nu toe was alles overgroeid geweest, deels zelfs helemaal dichtgegroeid. Nu is het waterpeil op een aantal punten verlaagd en zijn de lagen modder, bladeren en waterplanten weggehaald. Jammer genoeg verdwijnt daardoor ook de prachtige sfeer van teloorgang. Maar vanuit geschiedkundig oogpunt zal het dan wel weer interessant zijn.
De Wendelboswandeling is niet lang, iets van 7 kilometer. Maar het is wel gevarieerd bos, deels jong ook, iets heel anders dan de Veluwe met zijn oude woudreuzen. Het eerste deel gaat door het oude Waterloopbos, daarna komt nieuwe aanplant die aan landbouwgrond grenst. Een gedeelte loopt langs een vaart, waar dankzij de mist een mystieke sfeer hing. Daarna weer een pad dat tussen de bomen slingert. Natuurmonumenten heeft erg zijn best gedaan om het uiterste uit de wandeling te halen. Soms heb je het gevoel in een kringetje te lopen. Maar op zo´n klein stukje grond kan het moeilijk anders. En als je rustig wilt wandelen maakt het niet zo veel uit wat het parcours is. Zolang het maar rustig is.


Een reactie plaatsen

Film De Surprise uit 2015 blijkt een heerlijke verrassing

Misschien is het onterecht, maar ik kijk vrijwel geen films meer op teevee. Soms is dat uit irritatie vanwege de reclames, maar vaak ook gewoon omdat ik een beetje geblaseerd ben. Ik heb het gevoel dat ik de films die ertoe doen al gezien heb. Als ik ze goed vond, dan wil ik ze niet nog eens zien, bang als ik ben dat het tegen zal vallen. Met andere woorden, ik wil niet stoken in mooie herinneringen, vooral als die van mijzelf zijn. En als ik ze slecht vond, nou ja dat spreekt vanzelf. Veel van wat er de laatste jaren is verschenen, kan me ook niet meer boeien. Het accent is zo vreselijk verschoven naar actie en trucage.
Aangenaam verrast was ik dus, om maar eens een cliché uit de kast te laten komen, toen ik het begin van De Surprise zag. Ik was meteen geboeid door het spel van Van Koningsbrugge. Toen Elysium in beeld kwam, moest ik heel erg denken aan een SF verhaal, waarvan de naam me nu nog steeds niet te binnen is geschoten. Ik dreigde daardoor even af te haken, maar meteen dacht ik: wat de hek. En ik ben blij dat ik de film heb uitgezeten.
De film staat te boek als een romantische komedie. Gelukkig is het geen typische onderbroekenlol komedie zoals helaas meestal het geval is. En evenmin was het onderbroekenromantiek, integendeel. De opbouw en het spel (ook van Georgina Verbaan) deden me veel meer denken aan de betere Franse cinema (Amélie uit 2001 bijvoorbeeld). Dat het verhaal sterk is, mag niet verbazen, want het heet gebaseerd te zijn op een verhaal van Belcampo. Daar herinner ik me dan weer niets van; zou dat het SF verhaal geweest zijn? Evengoed is het knap dat een verhaal van Belcampo niet verpest is. Hulde aan de regisseur, Mike van Diem. Ik ben niet scheutig met sterren, maar deze keer geef ik er vijf. Als is dat dan misschien mede omdat ik nu ook eens iets moderns heb gezien.


Een reactie plaatsen

Brochure Museum of Lost Brands viert de 300ste folder

Dat had ik helemaal niet gedacht toen ik vijf jaar geleden met het Brochure Museum begon, dat ik begin december de 300ste folder zou vieren. Zelf had ik slechts 50 folders om op te nemen in wat toen nog het British Leyland foldermuseum moest gaan heten. Maar de naam stuitte al direct op problemen, want ik vond ook een DAF folder in mijn collectie. DAF en British Leyland hebben gemeen dat zij verdwenen zijn. Zo gezegd zo gedaan, het werd het Foldermuseum der Verloren Merken. Klonk ook wat spannender. En bood meteen ruimte aan het foldertje van mijn oude Exakta camera dat intussen boven water was gekomen.
Als eerste probeerde ik een 100% HTML-weergave (HTML is de taal waarin de meeste web-pagina’s zijn gemaakt), waarbij ik twee plaatjes naast elkaar toonde, de linker en de rechter bladzijde. Maar dat bleek nogal bewerkelijk. En bovendien had ik net ontdekt dat allerlei bedrijven hun weekfolder als doorbladerbare folder op het net zetten. Dat wilde ik ook. Na wat onderzoek vond ik een op Flash gebaseerde bladertool waarmee ik alleen alle baldzijden op maat hoefde te trimmen en in een XML-bestand hoefde te benoemen. Voor de vouwbladen gebruikte ik een slideshow programma. Het Flashprogramma werkte prima tot aan een Windows-upgrade. De laadtijden bij meer dan 16 bladzijden werden opeens enorm. De meeste bezoekers hadden er geen last van, maar sommigen haakten af. De maker van de bladertool had inmiddels een vreselijk interessante baan in Singapore gekregen en hij bleek niet van plan nog een vinger naar het programma uit te steken. In 2015 vond ik een op HTML 5 gebaseerde tool die als voordeel heeft dat hij op alle platforms hetzelfde werkt, ook op mobiele apparaten. Na een maand hard werken had ik alles overgezet en meteen redelijk toekomstbestendig gemaakt.
Inmiddels begint de opzet van de site wat sleets te ogen. Volgend jaar ga ik onderzoek doen naar de mogelijkheden van WordPress. Dat is een zogenaamd content management systeem (CMS) waarmee je makkelijk blogs en sites kunt bouwen. Dit dagboek is met WordPress gemaakt. Waarschijnlijk zal het erop neerkomen dat ik een front-end bouw in WordPress en dat de folder- en merkoverzichtpagina’s blijven wat zij zijn.
Terug naar de 300ste folder. Dat was de launchfolder van de Rover 75, de allerlaatste Rover die het beroemde merk ooit heeft gebouwd. Het museum richt zich op folders uit de periode 1945-1990. De Rover 75 folder stamt uit 1999 en valt dus buiten die periode. Maar het is zo’n weergaloos mooie auto, de mooiste en beste Rover ooit, dat ik hiervoor wel een uitzondering wilde maken. Nou ja, uitzondering, ik ben natuurlijk wel een totale Rover freak. Jammer dat het hoogtepunt in de ontwikkeling van een roemrucht merk meteen de zwanenzang werd. In 2005 hield Rover op te bestaan. Link naar het museum: Brochure Museum of Lost Brands.
Dat ik het met een collectie van slechts 60 folders (inclusief de camerafolders) toch tot zo’n respectabel aantal van 300 heb weten te schoppen, heb ik te danken aan alle verzamelaars die folders voor mij wilden scannen. En gelukkig zijn er steeds meer mensen die me aan materiaal willen helpen, dus voorlopig gaat het museum nog niet dicht.


1 reactie

Van Hon naar Blinkert – Ameland op haar mooist

Wij hebben echt geen smoes nodig om naar Ameland te gaan. Elk jaar proberen we er een weekje te bivakkeren. Het is vrijwel de enige sleur die nooit verveelt. Het tweede bezoek dit jaar viel eind september in een weekje met goddelijk weer. De jas kon meestentijds thuisblijven en dat hebben we toch wel anders meegemaakt. Al vroeg in ons weekje maakten we de wandeling langs natuurgebied Het Oerd aan de zeezijde. Het is een prachtig strand met heel veel groene duintjes (nieuwe duinen). Dat beviel ons uitstekend en toen het weer maar bleef verlokken, besloten we een tweede wandeling te maken. Maar deze keer wilden we proberen helemaal naar de punt van de zandhaak op de Hon te lopen.
Hoe steekt het in elkaar? Aan de oostkant wordt het eiland steeds smaller. Waar het fietspad ophoudt, begint het duinengebied Het Oerd, dat tussen de Noordzee en de Waddenzee in ligt. Als ook de duinen uiteindelijk helemaal ophouden, kom je op De Hon, een enorme, kale strandvlakte met vrij uitzicht op Schiermonnikoog. In de loop der jaren is deze vlakte gegroeid en richting Waddenzee is er een zandreep ontstaan die De Zandhaak wordt genoemd. Het gevolg is dat de droogvallende plaat langs het Oerd ook steeds groter wordt. Deze plaat wilden wij graag eens wandelen, maar dan wel aan de voet van de duintjes van het Oerd, want anders wordt het al snel wadlopen en daar hadden we geen schoeisel voor meegenomen.
Normaal gesproken is die wandeling niet verantwoord. Bij hoog water verblijven er massa’s rustende vogels die je niet wilt verstoren. En bij laag water wordt er dichtbij druk gefoerageerd. Maar dit jaar hadden we geluk, het was extreem laag water, zo laag dat de veerboten soms niet konden varen. Toen we op de uiterste punt van de zandhaak aankwamen, zagen we in de verste verte geen enkele vogel. We besloten het erop te wagen. En inderdaad, tijdens de hele wandeling richting het hoge duin De Blinkert, de westelijke grens van Het Oerd, hebben we geen vogel gehinderd. Ook een groot voordeel van het lage tij was dat we vrij makkelijk langs de uitlopers van de slenken konden komen. Bij een wandeling lang geleden moesten we nog waden, terwijl het toen ook laag water was.
Het werd een van de allermooiste wandelingen die we ooit op Ameland hebben gemaakt. De rust en de ruimte waren overweldigend. We kwamen slechts één persoon tegen, volgens mij was zij een plaatselijke fotograaf. Ze zag en sprak er in elk geval niet toeristisch uit en ze had een bulk van een camera. In de verte zagen we boven de Waddenzee prachtige zwermen van vogels. Een vriendelijke wind fluisterde voortdurend om ons hoofd. In de verte klonk het geruis van de zee. Het zou niet erg geweest zijn om daar afscheid te nemen van het leven. Of ben ik nu te veel beïnvloed door Soylent Green? Maar dat is weer een heel ander onderwerp. Ameland waddendiamant is niet gelogen. Al zijn Schiermonnikoog en Terschelling ook niet te versmaden.