Ameland was deze keer heel anders

“Het wad is nooit hetzelfde” zeggen ingewijden vaak. Een open deur natuurlijk, want het is eb of het is vloed, het regent of het schijnt, het is guur of het is lekker. Maar het blijft toch heel erg water, modder en zand. Geen kwaad woord daarover, want ik vind het mieters. Maar wat ik wil zeggen is dat Ameland toch elk jaar herkenbaar hetzelfde is, met hooguit weer wat meer accommodatie ten behoeve van de altijd maar vrijer wordende markt (tot heel het eiland vol zit, dan ben ik weg). Hetzelfde eiland biedt kort gezegd een wisselende aanblik. Maar zo wisselend als dit jaar zagen we het nooit.
We gingen van 14 tot 21 maart. En meteen werden we al geconfronteerd met een bericht dat de veerboot vertraging had opgelopen door extreem laag water. Nou ja zeg, in 22 jaar niet meegemaakt. En nog wel extreem ook. Toen we later een tocht naar Oerd en Hon maakten, de natuurgebieden op het oostelijk deel van het eiland, zagen we pas wat er aan de hand was. Er woei al dagen een ferme oostelijke wind, waardoor de Waddenzee niet goed meer volliep vanuit het westen. We konden deze keer helemaal de haak van de Hon aflopen, de zandrug die vanaf het Noordzeestrand de Waddenzee insteekt. En zelfs daar voorbij, want de platen aan de Waddenzee kant stonden al een tijd erg droog. Dat bleek bijvoorbeeld uit de verste kreek in het duingebied. Die stond nu vrijwel droog terwijl er anders in elk jaargetijde goed water in stond. De uitgestrektheid van dit deel van het eiland kwam nog meer tot zijn recht dan normaal: een kilometers grote zandvlakte. En geen kip te zien. Een keer zagen we types in een auto. Je mag namelijk in het winterseizoen met je auto het strand op; een tegemoetkoming aan het populistische janhagel waarschijnlijk (we hebben een fourwheeldrive en nou zullen we fourwheeldriven ook, daar doen die linkse natuurbeschermers mooi niks tegen). In het warme seizoen kun je hier wel tot twintig types tegenkomen, dan is het ineens niet zo rustig meer.
De weidsheid inspireerde me tot talloze foto’s die samen een panorama moesten vormen, want de in-camera panoramafunctie werkt niet door het gebrek aan contrast. Maar uit de hand is de kans op succes beperkt zoals het 180 graden panorama vanaf het Pinkegat (tussen Ameland en Schiermonnikoog) laat zien. Toch geeft het een indruk van weidsigheid en dat is mooi. Uitleg van de foto’s zie je zoals altijd door er met de cursor op te gaan staan. Door te klikken krijg je een grotere foto te zien.

Het eeuwig bewegende zand van Ameland

Dankzij de webcam van strandtent De Buren Van Nes wisten we al dat het water heel hoog was gekomen tijdens de grote januaristorm. Tijdens ons bezoek deze maand konden we met eigen ogen zien dat er heel wat was weggeslagen. Kijk maar eens naar de foto van strandtent Het Strandhuys in Buren. De trap die op het strand hoort uit te komen, hangt er nu bijna twee meter boven. Dat is een flink pak zand alles bij elkaar.
Toen we later van daar af naar de vuurtoren wandelden, zagen we dat er bij de westpunt, tussen paal 2 en 3, ook flink wat van het duin was weggeslagen. Het begroeide gebied dat normaal achter de duinen ligt, grensde nu op sommige plekken aan het strand. Volgens Rijkswaterstaat is dat allemaal niet zo erg omdat er in het stormvrije seizoen weer veel zand wordt vastgelegd. Op het strand tussen paal 3 en de balg (tot paal 7) vindt tegenwoordig veel duinvorming plaats, de zogenaamde groene duintjes. De storm heeft daar ook flink huisgehouden, maar de jonge duintjes waren nu alweer aan het groeien. Als er dit seizoen geen grote stormen uit het noorden meer komen, dan zal het inderdaad wel los lopen. En mocht het allemaal bedreigend worden dan gaan ze natuurlijk meteen zand opspuiten. Zo zal het badstrand na het zomerseizoen opgespoten worden, waardoor de trap van het Strandhuys weer gewoon op het strand zal uitkomen.

De Lumix FZ200 blijkt gelukkig toch geen kat in zak en as

In mijn vorige bericht vertelde ik dat de eerste opnamen met mijn nieuwe camera mij het ergste deden vrezen. Maar ik kwam tot de conclusie dat ik met het bewaken van de juiste instellingen en met 1/3 stop onderbelichting goede resultaten moest bereiken. En dat blijkt zo te zijn. Het is zelfs nog maar de vraag of die belichtingscorrectie wel nodig is. Misschien moet ik maar eens serieuzer naar het live histogram kijken en op grond daarvan corrigeren.
De eerste foto toont ons vakantiehuisje op Ameland. De belichting heb ik achteraf gecorrigeerd met plus 1/3 stop! De in-camera panoramafoto vanaf hetzelfde punt laat precies dezelfde belichting zien. Dus klassieke integraalmeting met nadruk op het centrum werkt kennelijk prima. Wel ontdekte ik verrassende gebreken in de panoramafunctie. Als je flink vergroot zijn er massa’s verticale strepen te zien. Bovendien is de resolutie erg laag en zijn details dicht gesmeerd. Dat moet toch echt wel beter kunnen, Panasonic. Is de omgeving contrastarm, dan lukt het maken van een panorama niet. Sowieso heeft de camera moeite met laag contrast; op een egale zandvlakte kun je niet scherpstellen. De fz18 deed dat volgens mij beter. Ik moet dus nog eens goed experimenteren met alle verschillende manieren van scherpstellen.
De foto van het reetje is door het niet al te schone slaapkamerraam genomen. Gelukkig heeft de camera scherpgesteld op het onderwerp en niet op het vuil dat op het raam zat. Later ontdekte ik dat er een functie is om door glas e.d. heen te fotograferen. Maar voor deze foto zou ik daar niets aan gehad hebben, want het reetje poseerde niet en was snel weer verdwenen, dus moest ik meteen schieten.

Eerste resultaten van de Lumix FZ200 rampzalig

Zondag 8 maart was het weer eindelijk fotografabel genoeg om de nieuwe camera eens lekker uit te proberen. We fietsten naar de Oostvaardersplassen, waar we heckrunderen en edelherten in het winteroverloopgebied zagen. Ideaal voor een 600 mm telelens, dus snel een paar plaatjes geschoten. Maar die zagen er meteen al niet goed uit: te licht en te blauw. Natuurlijk gekeken of er iets mis was met de instellingen, maar het AWB (automatische witbalans) tekentje stond in beeld en de belichtingscorrectie stond keurig op nul. De volgende opname was een panorama en dat zag er goed uit. Misschien waren de slechte opnamen een toevalstreffer. Maar latere opnamen werden niet beter, sterker nog ze werden alleen maar blauwer. Balen als een stekker natuurlijk. Rita had net een smartphone terug moeten geven, omdat ie helemaal niet goed werkte. En nu zou ik dus net zo’n camera hebben. Wat een rotzooi maken ze tegenwoordig.
Thuisgekomen kwamen de apen en beren uit de mouw. Kennelijk had ik per ongeluk op de WB (witbalans) knop van de 4way controller gedrukt, lang genoeg om de standaardinstelling naar blauw te verschuiven. Dit is dus iets dat heel anders werkt dan bij de vorige camera: je kunt nu een correctie aanbrengen op de automatische witbalans. Hij blijft dan automatisch, maar met een door jouw gekozen accent. Pas dan verschijnt het AWB tekentje in beeld. Tja, je moet het maar op kunnen brengen om de gebruiksaanwijzing door te lezen. De panoramafoto’s waren wel goed belicht, maar evengoed nogal blauw. Die worden kennelijk in IA (intelligent auto) mode gemaakt. Moet ik toch nog eens proberen, of de belichting in IA mode wel in één keer goed gaat.
Vervelend is dat de camera standaard ongeveer een halve stop overbelicht bij multimeting. Kies je voor klassieke integraalmeting dan zijn de foto’s beter belicht, zij het nog steeds een beetje overbelicht. Van review sites weet ik dat zelfs camera’s van 4000 euro vaak een permanente correctie van een kwart tot een halve stop vereisen, dus ik heb nu standaard eenderde stop onderbelichting ingesteld. De foto’s zien er stukken beter uit.
Sterkste punt van de camera tot nu toe vind ik de snelheid. Scherpstellen gaat razendsnel (althans bij goed licht) en hij is ook heel snel schietklaar. De scherpe en heldere zoeker is ook stukken beter dan die van de fz18, al is de kleurweergave een tikkie over de top. Qua bediening vind ik eigenlijk alleen de plaats van de quickmenu knop onhandig, die had ik liever op dezelfde plek gehad als bij de fz18. Maar er valt goed mee te werken. Binnenkort de resultaten van ons reisje naar Ameland.

Fotoalbums

8 jaar geleden ontdekte ik de lol van het gedrukte fotoalbum. Goed, het kost meer dan foto’s afdrukken en die jaren later uit een schoenendoos vissen en opplakken in een album, maar het ziet er veel gelikter uit. Het is trouwens evengoed een hoop werk. En als je niet uitkijkt, raak je zo’n digitale schoenendoos nog kwijt ook. Maar ja, met vallen en opstaan lukt het tegenwoordig aardig. Ik laat de albums door CeWe maken via het Kruidvat. Gaat meestal in één keer helemaal goed. Een aardigheidje van het Kruidvat is dat je een afgedrukt album een week of zes online kunt bekijken. Zo kun je de albums delen met bekenden die je niet live lastig wilt vallen met zo’n fotoboek. Jammer genoeg werkt deze service van het Kruidvat zelden of nooit goed. Gelukkig heb ik een oplossing in huis waarmee ik in een avond een online fotoboek kan realiseren. Het eerste, van onze 2014 vakantie in de Morvan in Frankrijk, staat nu op de pagina Fotoalbums. Een primeur, want het album is nog niet eens gedrukt.

Panasonic Lumix FZ200 volgt FZ18 op

7 Jaar geleden kocht ik een Panasonic Lumix FZ18. Daar heb ik nooit spijt van gehad. Het is een heerlijk lichte camera met een behoorlijk zoombereik (meer tele moet je niet willen met zo’n kleine sensor) en een vlotte bediening. Er was maar een minpuntje: macrofoto’s vielen vaak tegen. Ofwel ik had niet op het goede punt scherpgesteld, ofwel de camera had er moeite mee. Hoe het ook zij, hooguit een kwart van de macro-opnamen kon mij bekoren. Maar aangezien ik weinig aan macro doe, was het nooit een probleem. Afgelopen jaar liep ik echter tegen een echt probleem aan. De camera liet zich af en toe niet meer bedienen: de sluiter ontspande niet, scherpstellen werkte niet en ook de zoom deed het niet. Uit- en aanzetten was altijd de oplossing, maar dan had ik al een opname gemist. Lullig als het een ijsvogeltje was geweest. Ik ging dus uitkijken naar een aanbieding van de FZ200, die ik al een tijdje in het oog hield als mogelijke opvolger. En die kwam.
De FZ200 is helemaal volgens hetzelfde concept gebouwd, maar heeft veel meer mogelijkheden. Vreemd genoeg is hij wel ietsje groter, terwijl alles toch steeds kleiner wordt. Dat zal wel door het objectief komen. Dat heeft namelijk dezelfde maximale lensopening over het hele zoombereik, namelijk 2.8. De FZ18 liep nog van 2.8 in groothoek naar 4.2 in tele, wat voor die tijd al erg goed was. Om in de telestand zo’n grote opening mogelijk te maken, moeten de achtertse lenselementen een grotere doorsnede krijgen en dat is goed te zien. Prettig is dat de groothoek 25mm is en de tele 600mm. Liever zou ik een 20-400 zoomrange gehad hebben, maar dat zou vast duurder geworden zijn. De grootste verbetering betreft echter het display, dat uitgeklapt kan worden in alle mogelijk standen. De zoeker is ook heel veel beter. En verder zijn er nog wat dingen waar ik niet naar zocht, maar die best prettig kunnen zijn, zoals een burstmode met 12 beelden per seconde en drie programmeerbare functietoetsen. Kortom, het zou fijn zijn als ik met deze camera ook weer minstens 7 jaar in mijn nopjes mag zijn.

De totale betekenisloosheid van twitter en facebook

Nee, dan heb ik het niet over de inhoud, de berichten. Daarvan weet men wel dat het raas en kal is. Het gaat hier om het bereik, de betekenis als marketing- of communicatieinstrument. Die is vrijwel nul, denk ik. Waarom? Ik zit voor het Brochuremuseum op twitter en facebook, om te pogen het museum enige bekendheid te geven. Het direct benaderen van clubs van mogelijk geïnteresseerden leverde namelijk niets op. Vandaag bereikte ik 700 volgers op twitter. Wauw, zul je denken, dat is best een getal. Helaas is het ook niet meer dan dat. Mijn statistiekprogramma laat zien dat van die 700 followers nog geen 10 het museum ooit bezocht hebben.
Voor facebook geldt dat veel minder. Zo’n 40% van de likes (followers) bekijkt ook echt wel eens een folder. Maar daar heb ik slechts 71 likes. En dat getal is nog uitermate dubieus ook. Deze week kreeg ik volgens het cumulatieve overzicht maar liefst 10 nieuwe likes, maar ik kan maar 7 nieuwe namen vinden in de lijst. Facebook lijkt zichzelf dus lekker op te kloppen. Jammer dat het geen slagroom is.
Het leuke nieuws is dat ik deze week dankzij Pieter een van de leukste folders tot nu toe heb mogen plaatsen. Het is een prachtig getekende folder van de Simca 9 Aronde uit 1951. Bekijk hem eens om te zien hoe het was in de tijd dat auto’s nog leuk waren.

De toekomst is spiegelloos, alleen weten Canon, Nikon en Pentax dat nog niet

Bezoekers hadden vaak een kater na de tweejaarlijkse fototentoonstelling Photokina afgelopen september, er was weinig spannend nieuws te zien geweest. Dat klopt wel een beetje, denk ik. Voor mij waren er maar twee camera’s die eruit sprongen: de Panasonic Lumix DMC-LX100 en de Samsung NX1. De rest was een verbetering van de vorige versie. Ik moest hieraan denken toen ik las wat de lezers van DPReview op dit moment kiezen als het grootste nieuws van 2014. Wat camera’s betreft zijn de resultaten veelzeggend. Van de vijf systeemcamera’s zijn er vier mirrorless: Sony Alpha A7 II, Sony Alpha A6000, Fuji X-T1 en Olympus OMD E-M10. Met name de Olympus kun je echt niet nieuw noemen. De enige spiegelreflex camera in de lijst is de Nikon D750, een full-frame camera. Vreemd genoeg staat de Samsung NX1 niet in het rijtje, terwijl deze camera toch echt de eerste serieuze stap in de prosumer (gevorderde amateur) markt is voor Samsung, en een goede stap ook. De NX1 maakt nog net geen gehakt van de APS-C modellen van Canon en Nikon.
Het lijstje van de DPReview lezers toont aan dat de gemiddelde consument al heeft beslist waar de toekomst ligt. Maar de grote twee, Canon en Nikon, lijken dat helemaal niet te beseffen. Canon heeft een tijd terug de EOS M als spiegelloos model uitgebracht, maar lijkt er zelf niet in te geloven. En Nikon introduceerde in dezelfde tijd System 1 met een nogal kleine sensor. Ook dat model lijkt niet door te breken, hoewel je het hier nog wel in de winkel ziet. Intussen is met name Sony aan de haal gegaan met het spiegelloze concept door de full-frame A7 serie uit te brengen. Eerder had Sony al laten zien op zoek te zijn naar nieuwe wegen door een half-doorlatende, vaste spiegel te introduceren in sommige camera’s. Een idee dat nota bene in de jaren zestig door Canon was geïntroduceerd in de peperdure Canon Pellix reflex. De enige klassieke spiegelreflex in het rijtje is de full-frame Nikon D750, die lijkt te bevestigen dat Nikon zich steeds meer op de full-frame markt wil profileren.
De Sony A6000 en de Fuji X-T1 zijn belangrijke spelers op de APS-C markt. Toch verwacht ik niet dat die een deuk in de boter gaan slaan. Met name Fuji zal door de hoge prijzen een merk voor liefhebbers blijven. Of het bijbehorende marktaandeel groot genoeg is om Fuji overeind te houden is nog maar de vraag. De aanwezigheid van de Olympus E-M10 was een beetje een verrassing voor mij. Ik had eerder de GH4 van Panasonic op deze plaats verwacht, met zijn superieure 4k video mogelijkheid. Het zal wel komen door de betere beeldverwerking van Olympus, waardoor de resultaten net iets cleaner en scherper zijn dan van de vergelijkbare Panasonic camera’s.
Het grote raadsel blijft Pentax, dat eigenlijk alleen op de APS-C markt actief is. Er is wel een mirroless camera, de QS-1, maar die neemt niemand serieus. De spiegelreflexen zijn prima, maar verder heel standaard. Er gaan al tijden geruchten over een full-frame Pentax, wat de bezitters van oude K-bajonet objectieven heel blij zou maken, denk ik. Maar ik verwacht dat het geen spiegelloze camera zal worden. En toch is dat waar de kansen liggen voor Pentax. Als zij een mirroless full-frame uitbrengen, een grotere versie van de Sony A6000 zeg maar, die wel houvast biedt en die de handmatige instellingen heeft van de Panasonic LX100, dan zullen zij voor het eerst van zich doen spreken. Al die mooie primes die zij de laatste jaren hebben uitgebracht zullen, na herberekening voor de grotere beeldcirkel, juist op zo’n camera uitstekend tot hun recht komen. Ik verwacht niet dat het zal gebeuren. En Nikon en Canon? Die zullen blijven geloven dat de fotograaf een spiegelreflex wil met een optische zoeker waar hij in de schemering niets meer door kan zien. Uiteindelijk zullen de respectievelijke directies seppuku plegen.