WATERGEEST

dagboek van een early vutter

De camera-industrie is het spoor bijster | 1. sensor wars

Een reactie plaatsen

In de dagen voor de opkomst van de digitale camera (digicam) werd de wereld gedomineerd door de kleinbeeldfilm. Weliswaar kwamen daarnaast nog andere formaten voor zoals rolfilm (o.a. 6 x 6 cm) en de instamatic cassette voor technofoben, maar het is toch kleinbeeld met het formaat van 24 x 36 mm geweest dat aan de popularisering van de fotografie de grootste bijdrage heeft geleverd. Wat zou er dus meer voor de hand liggen dan het 24 x 36 filmoppervlak te vervangen door een 24 x 36 sensor. Het antwoord is simpel, een sensor van dat formaat was onbetaalbaar. Natuurlijk, fabrikanten hadden kunnen wachten tot de sensor beschikbaar kwam, maar al snel bleek dat een veel goedkoper sensortje ter grootte van een pinknagel enorme voordelen had: de camera kon ook veel kleiner worden.

De eerste digitale compactcamera’s in 1995 hadden een sensor van 0,3 M (megapixel), 300.000 pixels. Pakweg 12 jaar later was het aantal pixels gegroeid tot 8 M en nu, 6 jaar later, zijn er al veel van die pinknagelgrote sensors van 16 M. Inmiddels zijn er ook veel meer formaten sensors. Dat is logisch, want hoe groter de sensor des te beter is de kwaliteit, vooral op het gebied van beeldscherpte bij hogere lichtgevoeligheden. Al zo´n tien jaar bestaan er ook 24 x 36 mm sensors, maar gemeengoed zijn die nooit geworden; zij zitten altijd in camera´s van vele duizenden euro´s. Hoe vreemd dat is komt een andere keer aan de orde. In de afbeelding zie je de maten van de meest voorkomende sensors op de amateurmarkt. Klik op de afbeelding om een vergroting te zien. Rechtsonder de pinknagelsensor die in de meeste compactcamera’s zit.

Als je de bombarie van fabrikanten en reviewers moet geloven is de sensor het belangrijkste onderdeel van de digitale camera, maar dat is schone schijn. Minstens zo belangrijk is de beeldprocessor die de informatie van de sensor verwerkt. Er is namelijk heel veel te corrigeren aan het signaal van de lichtgevoelige cellen die de sensor vullen. Op een sensor zitten cellen voor de basiskleuren rood, groen en blauw, waaruit je alle andere kleuren kunt samenstellen. De allerbelangrijkste correctie betreft het evenwicht tussen die drie basiskleuren zodat er een realistisch kleursignaal ontstaat. Verder moet je bijvoorbeeld voorkomen dat er valse signalen ontstaan door wederzijdse beïnvloeding van de cellen. Sommige correcties zijn zo elementair dat ook een zogenaamde RAW-vastlegging van de opname gecorrigeerd is. Een RAW-bestand bevat dus niet zonder meer de pure sensorinformatie.

Het gekke is nu dat in de wedloop van fabrikanten om sensors te maken met een steeds hogere resolutie de beeldprocessor altijd een generatie is achtergebleven. Een van de meest pijnlijke voorbeelden van deze heilloze ontwikkeling was de Lumix FZ100 camera van Panasonic. Geheel in lijn met de heersende mode kreeg deze camera een 16 megapixel sensor. Helaas bleek de beeldprocessor nog van de vorige generatie, waardoor de beeldkwaliteit bij hogere resoluties veel slechter was dan bij vorige camera’s van dit type. En dat terwijl de FZ-serie geldt als de topper in zijn klasse (bridge camera’s). Al na een halfjaar werd de FZ100 opgevolgd door de FZ150 met een nieuwe beeldprocessor en een 12 megapixel sensor. Deze camera schopte het direct tot een toppositie in de reviews. Het beste bewijs voor de stelling dat meer niet altijd beter is.

Niet alleen de beeldprocessor blijkt een ondergeschoven kindje. Er is ook altijd voldoende ontwikkkelbudget voor objectieven met een steeds groter zoombereik, maar de benodigde beeldstabilisatie houdt daarmee niet altijd gelijke tred. De beeldverwerking gaat steeds sneller zodat je soms met een eenvoudige camera al twee opnamen per seconde kunt maken, maar aangezien er bezuinigd is op de hoeveelheid buffergeheugen stopt de camera al na een paar opnamen om de boel naar de geheugenkaart te kunnen schrijven. En last but not least ontbreken zoekers tegenwoordig vrijwel volledig, terwijl eenderde van de mensheid zo bijziend is dat het lastig is afwisselend het object veraf en het lcd-beeld dichtbij te bekijken.

Fabrikanten hebben dus duidelijk moeite om een evenwichtige camera te maken. Misschien heeft het ermee te maken dat de lamlullen in de directie zelf niet kunnen fotograferen. In elk geval levert het voor de consument geen optimaal produkt op. Anders gezegd, kortzichtigheid bij de fabrikanten leidt ertoe dat de mogelijkheden van het medium niet optimaal benut worden.

Advertenties

Heb je zelf een mening? Geef hem hier!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s