WATERGEEST

dagboek van een early vutter

Rhododendron kwijnt weg in veredeld cement

Een reactie plaatsen

Laatst las ik een onderzoek waaruit blijkt dat een groot deel van Almere gegrond is op extreem kalkrijke zeebodem. Een soort cement, zeg maar. Nu was het hier bij de bouw gewoonte om de toplaag af te graven en op te slaan, om die na voltooiing van de bouw weer terug te storten als tuingrond. Dat alles onder het motto, zeeklei is goede grond. Nou, deze dus niet. Ruim tien jaar geleden ben ik begonnen met een uitgebreid grondverbeteringsprogramma, waarbij ik twaalf aanhangers met grond heb afgevoerd. Wat overbleef heb ik vermengd met twintig balen tuinaarde en tien balen turf. Het heeft niets geholpen. Van alle planten die ik geprobeerd heb, heeft hooguit 30% het overleefd. Een kalkminnaar als Campanula Carpatica doet het nu uitstekend. Gaandeweg verovert deze plant mijn tuin. Ik laat het maar zo, dan staat er tenminste iets. Een jaar of drie geleden besloot ik een paar Rhododendrons te planten in het donkere bosgedeelte. Daarvoor heb ik grond weggehaald en een paar balen tuinturf toegevoegd. Aanvankelijk gingen de Rhododendrons enthousiast aan de slag. Maar kennelijk heeft het wortelgestel nu zijn weg gevonden naar de rotzooi eromheen. Want de ene plant bloeit niet meer en de andere verliest elk jaar een paar takken. Deze rode bijvoorbeeld begon met vijftien mooie bloemen, er zijn er nu nog vijf over. Wat ik wel knap vind, is dat de plant zo wanhopig door blijft bloeien. Het devies in de natuur is: “bloeien tot de dood er op volgt.”

Advertenties

Heb je zelf een mening? Geef hem hier!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s