WATERGEEST

dagboek van een early vutter

De Almeerse plantsoenen in tijden van marktwerking

4 reacties

Afgelopen maandag liepen er twee mannen met bladblazers door de straat. Ik ben inmiddels aan de herrie gewend. Pakweg honderd dagen per jaar dwingt de efficiency ons te luisteren naar allerlei wijkopruimende machines die onveranderd teringherrie maken. Zonder die efficiency zou het overigens nauwelijks stiller zijn, want dan zou de handmatige aanpak massa’s oeverloos wauwelende medemensen vergen, wat bij elkaar ook nog aardig op kan lopen (qua volume). Maar dit terzijde. De twee mannen bliezen ijverig alle losse bladeren, die de natuur nu eenmaal met zich meebrengt, op een hoop midden op het grasveld. Zij liepen daarna verder zonder dat er iets in het verschiet lag qua opruimgebeurtenissen. Dat leidde bij mij al snel tot stijgende onvrede en kloppende slapen. Want als de hoop bleef liggen, dan stonden er slechts twee wegen open. Ofwel het zou gaan stormen en alles lag gewoon weer door de wijk verspreid. Ofwel het zou blijven liggen en dan was het gras onder de bladeren in het voorjaar dood.
Ik had moeten wachten tot twee dagen verderop. Toen was er opnieuw een luid mechanisch geraas te horen, dat me overigens een tijdje in staat van paraatheid bracht. Want men wil hier nog wel eens het riool onder hoge druk schoonblazen, waardoor de spetters poep door de wc omhoog tegen het plafond vliegen. Maar dit terzijde. Er denderde een giga traktor met dito aanhanger door de straat. Hij rausde gelukkig bij mij voorbij en ging een grasveld verderop de bladeren opzuigen. Dat werkte boven verwachting goed. Alleen leende het veld zich door de bandensporen niet direct meer voor een partijtje grasvelden, van welke aard dan ook. Bij mij voor de deur verscheen een bladblazermeneer die alle bladeren van de eerder geblazen hoop de straat op blies. Daarna kwam de traktor met aanhanger, desgevraagd een maaizuiger genoemd, bedoeld voor autosnelwegen, die de straat min of meer schoonveegde. Want het ding bleek beter te werken op gras dan op betonnen klinkers.
Alles bij elkaar maakte het geheel een weinig efficiente en doeltreffende indruk. Als de bladeren op maandag direct voor een aanstormende traktor waren geblazen hadden zij woensdag niet terug hoeven te komen. En als de marktwerking niet had geleid tot een knuppel van een aannemer die voor het marginale budget een beroep moest doen op een werkeloze snelwegmaaier, dan was de straat met een gewoon bezemwagentje veel schoner geweest. Kortom ja, de vraag moet wel zijn: Heeft men bij de gemeente zaagsel in het hoofd? De makken van deze tijd: er zijn geen doelstellingen meer, organisaties weten niet meer waarvoor zij werken, en dat geldt voor overheid en bedrijfsleven. We gaan met z’n allen naar de verdommenis. En niemand legt het luisterend oor bij mij. Maar dit terzijde. Nee, ik heet niet Van der Laak.

Advertenties

4 thoughts on “De Almeerse plantsoenen in tijden van marktwerking

  1. Van der Laak was dat niet dat AVRO lid met uitspraken als “…cafe d’Ab” en “..van die dingen Ja” ?

  2. Hahaha hebben jullie dan toevallig ook een duo dat lijkt op Burgemeester Hans van der Vaart en zijn wethouder Tjolk Hekking.

Heb je zelf een mening? Geef hem hier!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s