WATERGEEST

dagboek van een early vutter


1 reactie

Ode aan de Deltagoot

Eind zeventiger jaren bouwde het Waterloopkundig Laboratorium van de toenmalige TH Delft in het Waterloopbos bij Voorst in de NO polder een 230 meter lange goot voor golfslagproeven op dijkbewapening. Zo hé, dat is nog eens een zin om een deur in te trappen. Na jarenlange afwezigheid mag dat ook wel, dunkt me. “Dunkt?” zult u vragen. Jazeker, ik schaam me niet om te dunken. Veel mensen lullen tegenwoordig zomaar iets na, maar mij dunkt het liever, dat geeft ruimte voor nuance.
Ter zake. In 1995 werd het terrein van het Waterloopkundig Laboratorium verkocht aan een investeerder die er een gigacamping van wilde maken. Gelukkig wisten omwonenden en natuurorganisaties die plannen te torpederen, waarna Natuurmonumenten het gebied in 2002 overnam. Het was inmiddels een uniek natuurgebied geworden, terwijl de waterwerken ook nog eens op de monumentenlijst stonden. Lange tijd gebeurde er weinig meer dan het opengooien van de oude waterlopen. Maar Natuurmonumenten wilde het Waterloopbos natuurlijk ontsluiten voor bezoekers en na diverse geldinjecties heeft men leuke resultaten bereikt. Het hoogtepunt is ongetwijfeld de van zichzelf saaie, want strak betonnen deltagoot, die omgetoverd is in een unniek stuk landschapskunst. Landschapkunst is typisch een Flevoland dingetje en dit project mag wel de kroon genoemd worden. Geniet van de sfeerimpressie en ga er eens kijken. Me dunkt dat je niet teleurgesteld kunt zijn. Vooral ook omdat er een genietwaardige horeca bij staat.




Advertenties


5 reacties

Een enigszins natte week in South Hams, Devon, Engeland

Onze laatste zomervakantie is alweer verbleekt in het geheugen, maar gelukkig is het eerste fotoalbum nu ook digi-gereed, zodat alles wat opnieuw voor onze geest staat openbaar is. Afgelopen zomer waren we in Devon in Zuid-West Engeland. Ons eerste huisje heette The Old Stables en lag in een sub-gehucht vlakbij het plaatsje Diptford. Dat rurale zuiden van Devon heet South Hams. Op een of andere manier hebben we dat geweten. Bijna alle wegen daar zijn precies één auto breed, met sporadisch passeerplekken die volgens ons geen twee auto’s breed zijn, maar op mirakuleuze wijze hebben we geen werk voor de uitdeukerij mee teruggebracht. Helaas hebben we ons niet ten volle in het gebied kunnen onderdompelen, omdat er twee dagen met klassiek Engels weer voorbij kwamen. Maar de eerste week moesten we toch een beetje uitrusten van de reis (op vrijdag gaat kennelijk iedereen in Zuid-Engeland naar Devon en Cornwall, en dan niet met de trein) en de banken in The Old Stables nodigden gewoon uit tot lekker lui lezen, wat we dan ook vol overgave gedaan hebben.
Niet heel ver van ons huisje lag een interessant landgoed, Dartington Hall, waar je leuk zou moeten kunnen wandelen. Een ander object van verlangen was de South Devon Railway van Buckfastleigh naar Totnes. In Staverton bleek een leuk tussenstation te liggen vanwaar je de wandeling zou kunnen starten. Maar goed dat we dat gedaan hebben want anders was een van de twee er misschien bij ingeschoten door de regendagen. Wandelend langs de rivier de Dart zagen we twee keer een stoomtrein voorbij komen wat danig aan de feestvreugde bijdroeg op de verder toch al aangename dag.
De enige kustwandeling die we konden maken was die bij Noss Mayo, een gouden greep, want het leverde ons een plaatsvervangende impressie van de zuidkust op. Het lieflijke dorpje, waar zonder meer een detective gefilmd zou kunnen worden, ligt aan de monding van de minder bekende rivier de Yealm. Niettemin hadden we sterk de indruk dat alle zeilbootjes van al die mensen die ons onderweg opgehouden hadden met hun files precies daar lagen. Het waren er in elk geval heel veel. Wel begrijpelijk want we kunnen ons de charmes voorstellen van het niet hebben van een zeilbootje aldaar.
Onze laatste grote tocht begon in Dittesham aan de river de Dart bij een veerpontje dat ons naar Greenway aan de overzijde bracht. Daar lag Greenway House, waar Agatha Christie heeft gewoond. Naar ons idee woonde zij vooral in haar boeken dus dat huis hebben we links laten liggen. Na een flinke tippel hoorden we in de buurt van Kingswear het geruststellende geluid van een stoomlocomotief. Het was die van de Paignton and Dartmouth Steam Railway wat volgens mij het grootste stoomtraject van heel het nog-verenigd koninkrijk is. Het eindstation heet Kingswear for Dartmouth. Je kon vroeger daar met de stoomboot van dezelfde maatschappij oversteken. Nu zijn er diverse pontjes. Na Dartmouth was het nog flink voortstappen, maar de dag was zeker een hoogtepunt.
Heb je ook zin in een vakantiehuisje in Zuid-West Engeland? We kunnen verhuursite Helpful Holidays van harte aanbevelen. Correcte informatie en behulpzaam. En soms ook betaalbaar.
Hier is de link naar het fotoalbum devon 2017 week 1. Je kunt de fotoalbums ook in het menu rechts vinden.


1 reactie

Een bijenzwerm strijkt neer in een Almeerse tuin

Woendag aan het eind van de middag vroeg Rita me te kijken naar een raar beest in de kersenboom. Behoedzaam sloop ik naderbij want het beest werd omringd door een zwerm wespen, althans zo leek het. Bij nadere beschouwing bleek het een tros bijen zo groot als een volleybal, die aan een tak hing. Na even met eerbied geslagen te zijn door dit wondertje der natuur ging ik mijn camera halen, onderwijl bedenkend dat ergens midden in die tros een koningin moest zitten, want zoveel had ik nog wel geleerd dankzij de stroom aan natuurfilms op tv. Het hoeven dus echt niet altijd olifanten te zijn.
Wat ik niet van natuurfilms had geleerd was dat de tros weg kon zijn toen ik beneden kwam met mijn camera in de aanslag. In plaats daarvan hing er nu een enorme wolk van luidkeels zoemende bijen boven onze tuin en vooral die van de buren. Dat alles maakte zo veel indruk dat we maar naar binnen zijn gegaan. Het werkt bij bijen niet als bij honden, zoemende bijen steken wel degelijk. Toen wisten we nog niet dat bijen tijdens het zwermen niet zo snel zullen steken.
Even later hing verderop aan de tak weer een tros maar die was de helft kleiner. Imkers denken dat de oorspronkelijke tros in zo’n geval twee koninginnen telt, waardoor hij wel uit elkaar moet zwermen want anders wordt het misschien ruzie. Kennelijk is een van de koninginnen teruggekeerd naar onze kersenboom. De onrust was op dat moment groot dus hebben we maar binnen gegeten. Toen het schemerde, vloog er geen bij meer rond, ze hingen allemaal aan de tros.
De volgende morgen hing het spul er nog, maar het was unheimisch druk met bijen in de tuin. Mijn vrees was dat ze het in hun bol zouden krijgen om in of onder Elvins oude speelhuisje te nestelen, waardoor ik permanent in de bijendrukte zou komen te zitten. Op het internet gezocht naar bijenzwerm. Zo kwam ik erachter dat in Almere Buiten een zwermcoördinator resideert. Hij zou na de boodschappen komen, wat goed uitkwam, want ik moest nog naar de tandarts, maar dat had niets met de bijen te maken.
De zwermimker veegde op heroïsche wijze, maar wel steekvrij verpakt, de koningin met een deel van de tros in een mandje, dat hij de kiep noemde. Nadat hij had vastgesteld dat de koningin zich aan het mandje vasthield, hing hij het omgekeerd aan de tak, dat alles met de heerlijke nonchalance van de vakman. Daarna ging hij naar de volgende zwerm van die dag; het is nu zwermtijd. Ondertussen zouden de bijen zich settelen in de kiep die hij dan later op zou halen. Maar toen hij terugkwam was het nog niet rustig. Er cirkelden voordurend 40 bijen rond de kiep en die wilde hij niet allemaal achterlaten. Hij zou ’s avonds terugkomen.
Na acht uur begon het al flink te schemeren vanwege de dreigende onweerswolken. Ik belde hem om te zeggen dat het nu lekker rustig was, maar dat ik niet wist wat er zou gebeuren bij een onweersbui. Hij bleek hetzelfde te denken en was al onderweg. Het afvoeren van de kiep verliep heel simpel. Hij legde een netje op de grond, knipte de kiep los, zette hem op het netje en bond de boel dicht. Geen bij die met zijn ogen knipperde. Wonderlijk allemaal. Pakweg 8 bijen hebben de boot gemist, die vliegen nu nog steeds rond. Waarschijnlijk waren die op zoek naar een permanente vestigingsplaats. Zielig eigenlijk. Je zou maar op je werk komen en het hele gebouw is verdwenen. Hoewel, veel mensen zouden daar stiekem blij om zijn.
Al met al een leerzame ervaring. Tot nu toe kende ik alleen de vliegende kiep uit de radioverslagen van voetbalwedstrijden. Nu blijkt er ook een xenosachtig mandje te zijn dat kiep heet. Een mens is nooit te oud om te leren, als hij zich niet achter de pelargonums verstopt.
Klik op een afbeelding om een vergroting te zien.