WATERGEEST

dagboek van een early vutter


Een reactie plaatsen

Nieuw project op Europa SF

Een tijdje terug hebben lezers en schrijvers van SF uit met name Oost-Europa een Europese site opgericht om SF uit Europa aan de wereld te presenteren. Als taal voor de site heeft men Engels gekozen, omdat Engels, zoals de oprichters zelf melden, de “lingua franca” van de SF is. Helaas heeft men alweer toegestaan dat Fransen en Spanjaarden in hun eigen taal berichten mogen plaatsen. Typisch Europa, waar altijd alle aanwezige nationalistische gevoelens gerespecteerd moeten worden en men nooit eens welke doelstelling ook maar volledig kan realiseren. Het zij zo.
Linker helft header Europa SFZelf ben ik begonnen aan een systematische presentatie van Nederlands(talig)e schrijvers die boeken in het Engels publiceren. Ik hoop dat anderlandige Europeanen die het Engels redelijk beheersen dit voorbeeld willen volgen zodat je als SF lezer een beetje een idee kunt krijgen wat er te koop is uit Europa. Hieronder voor de liefhebbers de links naar de bijdragen, die bij dit project horen.
The Dutch are coming 1: Mike Jansen
The Dutch are coming 2: Tais Teng
Book review: Ophelia In My Arms

Advertenties


1 reactie

Eerste klas fantasy van eigen bodem: De Falende God van Mike Jansen

Laat ik maar meteen een deur intrappen, ik houd niet zo van fantasy, speciaal niet van epische fantasy, met veel oerkrachten, helden en koningen, superpaarden en wapengekletter. Een uitzondering maak ik voor het superieure “Lord of the Rings” van Tolkien. Dat was de eerste fantasy die ik las, ergens eind jaren zestig. Daarna kwam ik eind jaren tachtig de Thomas Covenant serie tegen, die me ook nog wel goed beviel, vooral omdat ie zo afweek van het werk van Tolkien. Daarna heb ik best veel fantasy gelezen, maar nooit meer de inspiratie gevoeld die LOTR mij heeft gebracht. Recent vond ik alleen de “Magisters” serie van C.S Friedman nog van hoog niveau. Het beroemde “Game of Thrones” daarentegen kan me gestolen worden. Het is dus best wel verbazend dat ik laatst “De Falende God” van Mike Jansen heb gelezen. Een boek van een Nederlandse schrijver nota bene, dat kan toch nooit wat zijn. Niet mijn visie overigens, maar dat hoor je vaak.
Nou, mensen die dat vooroordeel hebben, kunnen hun bakens beter verzetten. Want Mike Jansen schrijft bepaald geen middle-of-the-road. Toegegeven, in De Falende God zijn alle cliché fantasy elementen aanwezig, zwaarden en paarden, helden, een dubieuze priesterkaste, magische krachten van allerlei allooi, een moordzuchtig gilde, een queeste (hoewel nog slechts in schets aanwezig), oerkrachten, draken, een allesvernietigende dreiging en een oeroude vloek. Plus nog het een en ander dat ik elders ook al eens ben tegengekomen. En nu komt het gekke, ondanks al deze vertrouwde elementen is het toch een beter boek dan ik in tijden gelezen heb. Hoe dat komt weet ik niet. Misschien omdat de schrijver niet de standaard held(en) heeft neergezet. Centraal staan drie redelijk obscure types, huurlingen en moordenaars, die een doorgesneden strot niet uit de weg gaan. Goed en kwaad verenigd in één persoon, of liever gezegd drie personen, daar kun je tegenwoordig mee thuiskomen. Ook belangrijk is dat Mike Jansen een vlotte, toegankelijke manier van vertellen heeft. In het begin struikelde ik wel eens over een zin, maar vanaf een bepaald moment loopt alles als een trein. Ik heb het idee dat hij ooit aan dit boek begonnen is, het toen een tijd heeft laten liggen, en er vervolgens met meer schrijfervaring mee is verder gegaan. Kortom, als je van fantasy houdt, die niet stijf staat van onbegrepen keukenhulpjes met verborgen eigenschappen of eindeloze politieke intriges, maar die wel een pittige combinatie van machtspelletjes en fysieke strijd voorschotelt, dan zul je je met “De Falende God” geen buil vallen. En als je het boek leuk vindt, dan is het fijn om te weten dat Mike nog vier delen in petto heeft.


Een reactie plaatsen

Op een na laatste Pure Fantasy is een prima verhalenbundel

pure fantasy nummer 27: dwaalspoorIk heb het waarschijnlijk al eerder gemeld, het tijdschrift Pure Fantasy houdt op te bestaan. Nummer 28 wordt definitief de laatste. Ergens vind ik dat wel jammer. Op het gebied van korte SF en Fantasy verhalen is er niet veel in ons taalgebied. Aan de andere kant was het niveau van de inhoud altijd vrij mager. Dat kwam voort uit de doelstelling van dit tijdschrift, namelijk beginnende schrijvers een platform bieden. Het niveau blijft daardoor grosso modo hetzelfde. Juist daarom is het zo leuk dat nummer 27, met de titel “Dwaalspoor”, beter dan gemiddeld is. De uitgever heeft er terecht een echte verhalenbundel van gemaakt. Alle periodieke elementen die een tijdschift kenmerken, zijn weggelaten. Ik vermoed dat ook nummer 28 dit pad zal volgen, hooguit aangevuld met een afscheidswoord van de uitgever. Als je een cadeautje zoekt voor iemand die van korte verhalen in het genre houdt, zit je denk ik niet slecht met de laatste twee bundels. Ze zijn alleen verkrijgbaar via internet bij de webshop


Een reactie plaatsen

Zegt een plaatje meer dan duizend woorden?

Bladerend door onafgebroken rijen met plaatjes op mijn geliefde pc kwam ik er één tegen die keihard aan de bel trok. Ik moest vanaf het eerste moment heel erg ergens aan denken, alleen wist ik niet wat. Een vriend verzekerde mij dat dit plaatje een verhaal bevatte, als je het maar op zou kunnen schrijven. Halstarrig doorzoekend hield ik uiteindelijk de waarheid tegen het licht. Het plaatje blijkt niet zozeer een verhaal te bevatten als wel ernaar getekend te zijn. Het heet namelijk Perdido Street Station, getekend door Alberto Gordillo, en dat is ook de titel van een boek van een van de meest bijdetijdse sf-schrijvers van deze tijd, China Miéville. Het mooie van dit plaatje is dat het net zoveel atmosfeer oproept als China Miéville dat doet in zijn boeken. Het zegt dus inderdaad meer dan duizend woorden. Verder heb ik nog gelezen Armada, dat ook gebukt gaat onder prachtige sfeertekening. Onthoud die naam, China Miéville. Je kunt je er geen buil aan vallen, zelf als je niet van SF houdt. Alleen zul je zijn boeken met een kaarsje of twee moeten zoeken, want in Kikkerland is hij helaas niet aangeslagen. Misschien in de Bieb: Armada en Perdido Station.


Een reactie plaatsen

Bestaan De Bergen Van De Waanzin van H.P.Lovecraft echt?

Toen ik als beginnend student De Bergen Van De Waanzin (At The Mountains Of Madness) van H. P. Lovecraft las, dacht ik dat hij de geologie van de zuidpool uit zijn duim zoog. Wie kon zich immers na het zien van al die beelden van eindeloze sneeuwvlakten iets voorstellen bij “dreigende toppen, die somber en sinister boven de door diepe ravijnen doorkliefde sneeuw en de tussenliggende gletsjers uitstaken”? Maar op de National Geographic scheurkalender vind ik dan een foto die precies dit landschap toont (zie het plaatje). Lijkt het inderdaad op de zonderlinge Aziatische landschappen van Roerich? Bevindt zich achter de gletsjer in de verte het beruchte plateau van Leng, dat misschien toch op onze wereld gelegen is, maar wellicht niet in onze tijd? En wat heeft promovendus Danforth gezien toen hij en professor Dyer de bergen per vliegtuig wilden verlaten, waardoor hij begon te gillen en daarna voortdurend de woorden “tekeli-li” herhaalde? Hij heeft er nooit over willen praten. Ik hoop maar dat de huidige poolexpedities niet gaan graven in het afgebeelde gebied. Als ik bedenk wat zij zouden kunnen vinden, lopen de rillingen over mijn rug.