WATERGEEST

dagboek van een early vutter


Een reactie plaatsen

2e Fotoalbum Cantal met o.a. La Transhumance (wandelen met schapen)

Het tweede album van onze 2013 vakantie in de Cantal is voornamelijk gewijd aan de pastorale wandelingen. Omdat het bergachtig gebied is, gaan wandelpaden erg op en neer. Maar je wordt beloond met de prachtigste paden die door weinig bezochte gebieden slingeren. Wie van rust houdt en niet zo nodig meutes sjokkende medemensen om zich heen hoeft, zit hier op rozen. Op een van de wandelingen zagen we eekhoorntjes die zich redelijk goed lieten fotograferen. Niet van dat zenuwachtige heen-en-weer geren, maar gewoon een stukje werkoverleg. “Hoe bedoel je, waar zijn de beukenootjes? Die zou jij toch meenemen.” Dat soort dingen.
Na zo’n wandeling op ons zonnige terras gezeten hoorden we gefluit, geklets en geblaat. Het deed ons denken aan schapen hoeden, maar dan met meer hoeders dan schapen. Beneden in het dal liep een hele troep schapen over een paadje. Daarachter een paar herders met hondjes (vandaar dat gefluit). En daar weer achter een menigte mensen die met verhitte koppen probeerde het moordende marstempo bij te houden. Het paadje leidde naar het punt waar de toegangsweg naar ons huisje aftakte van de hoofdweg (wat trouwens de Route des Crêtes was, voor degenen die dat iets zegt). Daar waren we precies op tijd om de schapen een weitje ingedreven te zien worden. Eromheen stonden luidkeels fotograferende toeristen, die een beetje gebelgd leken dat ik foto’s kon maken zonder het hele eind te hoeven meelopen. Een gesprekje met de hoofdhoeder leerde mij dat het hier om een goedbetaalde re-enactment ging van de traditionele trek van mens en dier naar de zomerweiden bovenop de heuvels (en terug natuurlijk): la transhumance. Zo leer je nog eens wat op je vakantie.
Klik hier om het album te bekijken of ga naar de pagina Fotoalbums (in het menu).

Advertenties


Een reactie plaatsen

Een huisje als een space shuttle in de Cantal

Om nog even te oefenen met het opzetten van een online album, wat een gepriegel op de vierkante pixel kan zijn, besloot ik een ouder album onder handen te nemen. Dat moest namelijk toch nog een keer. Het is het eerste album van 2013 geworden. Toen zaten we o.a. in de Cantal, een schitterend gebied met oude vulkanische bergen. Het huisje was heel bijzonder, een oude schuur die verbouwd was tot een modern strak vakantiehuis dat me aan de neus van een space shuttle deed denken. En toch viel het in tegenstelling tot moderne architectuur helemaal niet uit de toon in het landschap. Nog nooit hebben we zo’n indrukwekkend uitzicht gehad. Jammer is alleen dat de ramen rondom niet op zithoogte zitten, je moet gaan staan om van het uitzicht te kunnen genieten. Maar we konden vrijwel iedere dag buiten op het terras eten, dus het was geen probleem. Op de begane grond zijn twee slaapkamers en een badkamer. Dat daar vroeger de stal was, kon ik nog een klein beetje ruiken. Er hing een eigenaardige geur, niet direct vies, maar wel een beetje landelijk, zoals in een oude wijnkelder. Dankzij de dikke muren was de stilte ’s nachts overdonderend.
Bergen zijn niet mijn ding. Als je gaat wandelen ga je de helft van de tijd omhoog, wat heel vermoeiend is, en de andere helft kost me meestal mijn knieën. Toch vond ik het zonder meer de moeite waard. Het is een schitterend gebied. Alleen de hoogste toppen heb ik gemeden. We hebben nog geprobeerd de Puy Mary te beklimmen, maar mijn hoogtevrees won het dik van de uitdaging. Qua dieren waren de bijzondere Salers koeien opvallend en de Rode Wouw die daar prettig dik gezaaid is. Op een dag reden we parallel aan een dal en een wouw zweefde op ooghoogte met ons mee. Ik was zo verbijsterd dat ik vergat mijn camera te pakken. Dat zit me nog dwars.
Klik hier om het album te bekijken of ga naar de pagina Fotoalbums (in het menu).


Een reactie plaatsen

Kling koetje klingelingeling

Het eerste dat opviel bij aankomst in de Cantal was het geklingel van koeienbellen. Er zijn in een kudde meestal een paar koeien die een bel om hebben. Ook geiten (en soms zelfs schapen) hebben bellen, kleinere met een hogere toon. De reden is waarschijnlijk dat het landschap de koeien mogelijkheden biedt om zich te verstoppen voor de boer. Nu hoeft hij maar even te luisteren en hij weet waar ze zijn. Eerst was ik bang voor het windgong effect, je weet wel, dat je in de tuin probeert te lezen en dat het geklingel van de windgong aan je hersenen gaat vreten. Maar die Fransen zijn natuurlijk niet gek, dus het geluid van de koeienbellen harmonieert prachtig met de omgeving. Als je er niet op let, verdwijnt het helemaal naar de achtergrond. Vreemd genoeg had geen enkele koe die ik op de foto kon zetten een bel om. Gelukkig vond ik een foto van een herkauwend groepje een voorbeeld van een bel. De afgebeelde koeien zijn trouwens van een speciaal ras dat gekweekt is door iemand uit het plaatsje Salers. Daarom heten zij ook Salers koeien. Vriendelijke beesten en veel minder nieuwsgierig dan de witte koeien uit Puy de Dome.


Een reactie plaatsen

Wauw, een rode wouw

Dankzij schoolvriend Wim heb ik indertijd een oog ontwikkeld voor roofvogels. Niet dat ik ze allemaal herken, maar ik kan een valk wel onderscheiden van een kip. Op vakantie in Noord-Frankrijk viel me altijd op dat er zo weinig roofvogels zijn. In de Auvergne was het dit jaar beter gesteld, veel meer roofvogels. Maar op de ontmoeting bovenop een bergweg in de Cantal hadden we niet durven hopen. Naast de auto aan de kant van het dal, zeg maar ravijn, vloog een schitterende vogel. Hij was veel mooier dan op de foto, met lichte patronen bij de vleugelranden en een lichte streep dwars over de staart. Ik herkende de vorm direct, maar ik kon het eigenlijk niet geloven. Ooit heb ik in de buurt van de Elbe bij de grens met Oost-Duitsland een rode wouw gezien. En dit was er duidelijk ook één. Ik zette de auto pardoes stil – dat kan daar want er rijdt geen kip – en sloeg de vogel gade zo lang het kon. Wat een majesteit! De Fransen hebben dan ook een veel beter passende naam voor de mooiste onder de roofvogels: Milan Royal (majestueuze milan). Jammer dat ik zo overdonderd was dat ik vergat mijn fototoestel te pakken. Gelukkig vond ik op Wikipedia deze foto van Thomas Kraft.